Gompa’s bekijken

Vandaag had een beetje als ‘tussendag’ gepland. Geen idee wat de hoogte met me zou doen maar ik voel me prima. Ja, als ik een sprintje de vier trappen op naar m’n kamer trek dan ga ik per direct out natuurlijk. Maar eigenlijk werkt alles gewoon.

De omgeving van het Stok paleis.

’s Ochtends zit ik met Sonam om een plan te maken voor de komende dagen. Het lastige is dat er relatief kort geleden (ergens einde jaren negentig) nog oorlog in het gebied is geweest en regelmatig zijn er nog wat ongeregeldheden. Veel lees je er niet over, de meeste onrust zit in de Kashmir vallei bij Srinagar en ik had thuis al besloten om die plaats te schrappen. Er is al zoveel te zien in Ladakh en, alhoewel het in kilometers allemaal wel meevalt, zijn de afstanden in tijd uitgedrukt in de praktijk enorm.

Vandaag rij ik nog op ‘normale’ wegen. De komende dagen zal het veelal op slechte wegen zijn.

Om enkele gebieden te bezoeken moet je een permit aanvragen. Vrij simpel allemaal, alleen moet de groep uit minimaal twee personen bestaan. Gelukkig hebben de locals daar wat op gevonden; ze bundelen gewoon de plannen van twee reizigers en kennelijk zit er een maas in de wet die je, als het papierwerk eenmaal rond is, niet verplicht om samen te reizen.

Thikse Gompa.

Sonam gaat aan de slag en ik ga op stap. Ik bezoek vandaag de eerste Gompa’s. Gompa’s vind je vooral in Tibet, Nepal, Bhutan èn Ladakh, waar ik nu ben. Het is een boeddhistisch tempel, vaak met woonpaccomedatie, die gefortificeerd is en vrijwel altijd op een kleine heuvel of rots is gebouwd. De meeste in Ladakh zijn naar Tibetaans ontwerp gebouwd. Sommige worden echter ‘paleizen’ genoemd en het verschil is me nog niet helemaal duidelijk, qua uiterlijk zijn er veel overeenkomsten en het verschil zal ‘m dus wel zitten in de bewoner.

Het plein van Thikse Gompa.
Het plein van Thikse Gompa.

In mijn veel veel te heet gewassen busje (Ik moet zowat gaan liggen om naar buiten te kijken haha) rijden we naar Stok, Thiksey en Shey. De afstanden zijn vandaag niet zo groot. We zijn het dorp nog niet uit of ik moet al lachen. We rijden langs het ‘Mars Polution Checking Centre’. Alleen zijn de auto’s en vooral vrachtwagens zo vervuilend hier, vast ook door het gebrek aan zuurstof, dat ze Leh op Mars nog kunnen ruiken.

Het houtwerk van Stok.
Het houtwerk van Stok.

Op zich lijken alle Gompa’s wel zo’n beetje op elkaar. Het verschil zit ‘m vooral in de lokatie en in de decoratie, lees: rijkdom. Veel monniken lijken er overigens niet te zijn; op studiereis of zo, en in het zuiden van India. Maar dat drukt de pret niet. Omdat ze hoger liggen dan de omgeving zijn het toffe uitkijkpunten.

De monniken bij  Thikse.

En de omgeving die is echt bizar mooi. Net als het weer. Alhoewel de Apps en meters aangeven dat het op ongeveer 3.500 meter maar een graad of 12 is, kun je (in principe) je korte broek aan. Alleen als de zon onder is, dan is het direct erg koud. Donsjas en handschoenen zijn dan geen overbodige luxe.

Hier was het ook lekker warm trouwens.

De dag erna ontmoet ik Tashi, een kleine gedrongen Ladakhi die me de volgende dagen in zijn Mahindra Xylo met dikke banden meeneemt naar de Noordelijker gelegen Nubra vallei en richting Turtuk aan de Pakistaanse grens. En nog naar veel meer plekken maar dat is nog een puzzelstuk. Ik bezoek nog meer Gompa’s in de Indus vallei ten westen van Leh. Ik bezoek Chemrey, Hemis, Stakna en Matho. Een lange dag maar weer één met bijna lenteachtig weer.

Geef een reactie